Interreg

Deutschland-Nederland

EurHealth-1Health

Wetenschap en politiek focussen in toenemende mate op duurzame preventie van antibioticaresistentie en infecties. Het O‘Neill Report, dat in 2014 in opdracht van premier David Cameron geschreven is, spreekt duidelijke taal: wanneer wij niets veranderen, dan zijn we in 2050 wellicht in de situatie beland dat het aantal mensen dat zal overlijden aan infecties met antibioticaresistente ziekteverwekkers groter is dan het aantal dat aan tumoraandoeningen overlijdt en zullen de nationale economieën moeten rekenen op enorme meerkosten voor de behandeling van deze infecties. De Nederlandse regering, de Nederlandse provincies, de Duitse regering en de Duitse Bundesländer onderstrepen het belang van dit thema. Beide lidstaten zetten hoog in op preventie van antibioticaresistentie en de hierdoor veroorzaakte infecties alsmede op intersectorale samenwerking in het kader van OneHealth-initiatieven.

Ondanks alle migratiebewegingen vergrijst de bevolking in beide landen en nemen comorbiditeit en de gevoeligheid voor infecties onder de bevolking toe (pas- en vroeggeborenen, ouderen, zwangeren, patiënten met verminderde immuniteit). De contacten tussen mens en dier zijn vaak intensief (bijv. in de veehouderij maar ook bij huis- en hobbydieren). Dat leidt tot een verhoogd infectierisico.

Het project EurHealth-1Health (uitspraak: YourHealth-OneHealth) focust op een van de grootste uitdagingen voor de zorg: de bestrijding van infecties die worden veroorzaakt door bijzonder resistente micro-organismen (BRMO) en het voorkomen van antibioticaresistentie bij mens en dier alsmede verlaging van de daarmee verbonden risico’s voor patiënten en de volksgezondheid. Het voorkomen van levensgevaarlijke infecties bij mensen zoals bijv. CRE is hierbij een gezamenlijk doel. Hiervoor is het noodzakelijk om in de gehele ontwikkelingsketen van antibioticaresistentie in te zetten. Dit is slechts realiseerbaar met behulp van een integraal “OneHealth”-concept: de gezondheid van mens en dier hangt rechtstreeks samen en wordt mede bepaald door het milieu.

Bij infectieziekten wordt des te meer duidelijk dat de gezondheid van mens en dier met elkaar verbonden zijn: vele dierlijke infectieziekten kunnen op mensen worden overgedragen, problemen met antibioticaresistentie treden zowel in menselijke als dierlijke populaties op, resistente ziekteverwekkers worden tussen mens en dier uitgewisseld. Het gebruik van antibiotica bij mens en dier leidt tot immissies van antibiotica en mogelijke antibioticaresistentie in rioolsystemen en oppervlaktewater. Daarom is een integrale aanpak en grensoverschrijdende samenwerking van essentieel belang.

De samenwerking tussen de experts uit de diergeneeskunde en de humane geneeskunde uit beide landen richt zich op de belangrijkste zoönotische infecties c.q. infectieziekten en micro-organismen, die voor de samenleving en de economische ontwikkeling van de Duits-Nederlandse grensregio van betekenis zijn en waarover in de grensregio speciale deskundigheid beschikbaar is. Om deze reden is de focus binnen dit project gericht op bijzonder resistente micro-organismen (daartoe behoren Extended Spectrum Beta-lactamase-vormende ziekteverwekkers (ESBL), Carbapenem-resistente Enterobacteriaceae (CRE) en – Acinetobacter baumannii (CRAb), Methicillin-resistente Staphylococcus aureus (MRSA), diergerelateerde Vancomycine-resistente enterokokken (VRE) en andere ziekteverwekkers die relevant zijn voor de zorgverlening aan patiënten met ernstige immunosuppressie (bijv. enterovirussen). Daarnaast zullen Shigatoxine-producerende Escherichia coli (STEC), enterohemorragische Escherichia coli (EHEC) en Hepatitis E centraal staan.